Reisverslag: Eerste keer backpacken in Thailand

Zonsondergang Malmö
Reisverslag: met de Volvo road trippen door Zweden
24 september 2016
Langer dan 8 maanden in het buitenland
Langer dan 8 maanden in het buitenland en uitschrijven Gemeente
2 oktober 2016

Reisverslag: Eerste keer backpacken in Thailand

Eerste keer backpacken Thailand

Al jaren staat Thailand in de top als het gaat om de meeste verkeersdoden in de wereld. Slechts 10 minuten tussen het verkeer in Bangkok heb ik nodig om tot de conclusie te komen dat die toppositie eigenlijk heel logisch is. Gelukkig rijdt de taxi chauffeur en niet één van ons. Die scooters ook, man man man. Ze zijn overal en vliegen van links naar rechts, schijt hebbend aan hun medeweggebruikers. Er zijn zoveel auto’s en scooters dat je slechts een enkele keer een stukje asfalt door de menigte heen ziet. Niet alleen het verkeer belemmert overigens ons zicht. De smog levert ook zo zijn bijdrage. De luchtvervuiling zie ik voor het eerst in mijn leven letterlijk in de lucht hangen. Sjesus Bangkok, wat ben je chaotisch.

We zijn in Thailand. Onze eerste backpackreis en tevens onze eerst kennismaking met Azië. Bij vertrek heb ik een positief beeld over Thailand. Ik heb zoveel gelezen en inspiratie opgedaan dat Thailand wel gaaf moet zijn. Het land van de glimlach is een voorbeeld wat ik veel heb gelezen, mijn verwachtingen zijn hoog. Op Schiphol manoeuvreren vriendlief en ik ons binnen een kwartiertje door alle bagage- en controleposten heen om vervolgens 11 lange uren in het vliegtuig richting Bangkok door te brengen.

Bangkok, you hate it or you love it
Het land van de glimlach is ook weer het eerste wat in mij opkomt na voet te hebben gezet op de luchthaven Suvarnabhumi in Bangkok. Lopend richting de controles kijk ik om mij heen op zoek naar al die vrolijke Thaise locals. Om precies te zijn kom ik er nul tegen en bij de paspoortcontrole worden mijn verwachtingen definitief om zeep geholpen. Een bloedchagrijnige vrouw zit in haar hokje paspoorten en immigratieformulieren te controleren. Een sawadee ka (vrouwelijke hoi in het Thais) of überhaupt een vriendelijk knikje kon er niet vanaf. Ah fijn, we zijn moe van de lange vlucht en willen naar onze accommodatie. Net zo snel als we op Schiphol binnen waren, staan we hier net zo snel weer buiten. Buiten komt de hitte als een klap in ons gezicht, alsof iemand de zon vol op je bakkes zet en een föhn als een zuchtje wind jouw kant op richt. Gelukkig scoren we snel de taxi die ons door het chaotische Bangkok voert. Moe en een kleine cultuurshock verder komen we aan bij ons hotel waar we de rest van de dag blijven.

Bangkok vinden we maar niks. We slenteren door de grauwe, grijze wijk richting Khao San Road. Langs de weg staat het vol met kraampjes waar locals hun souvenirs, kleding en Thaise lekkernijen verkopen. Een gigantische wokpan met een netjes naast elkaar gelegde rij visjes maakt dat we bijna ons ontbijt van die morgen legen. De geuren zijn soms niet te harden en soms zelfs om kotsmisselijk van te worden. Khao San Road vinden we ook maar niks. De populaire straat die hedendaags vooral is gericht op toeristen is druk en vies. De ratten wandelen door de straat alsof ze één van ons zijn. Bah! Ook worden we iets te vaak aangesproken door winkeliers die iets willen aansmeren en door tuk tuk chauffeurs die je graag betaald naar je volgende bestemming willen brengen. Genoeg gezien, tijd om te gaan.

Bangkok

Tussen de locals naar tempelstad Ayutthaya
Op het treinstation Hua Lamphong in Bangkok kopen we twee derde klas treinkaartjes richting Ayutthaya. Omgerekend kost dit ongeveer twee en een half uur durende treinritje ons bij elkaar nog geen euro. Niet per se gebruikelijk, maar gelukkig op tijd arriveert de trein. In de trein zit een mix van backpackers en locals. Het is er bloedje heet, zeker 45 graden, waar alleen de backpackers moeite mee lijken te hebben. Deze groep inclusief wijzelf zijn de enige die voor Thaise begrippen schaars gekleed zijn en het niet kunnen laten om flesjes water om de paar seconden opnieuw aan de mond te zetten. De locals zitten daar en lijken nergens last van te hebben. Naast mij zat zelfs een Thaise zakenman met dichte schoenen, een lange zwarte pantalon en een blauw gestreept overhemd met lange mauwen. Gewoon relax en niets aan het handje. Verbazingwekkend vond ik het. Gelukkig leer ik al snel dat je niet druk maken de beste manier is om de hitte te bestrijden. Het blijft nog steeds abnormaal warm, maar het is enigszins nog uit te houden als je je rustig houdt.

In Ayutthaya brengt tuk tuk chauffeur Kai ons naar onze accommodatie. Achterin een steegje treffen we een kleinschalig tweeverdiepingscomplex met privé kamers, een receptie, zwembad en een mini restaurantje met terras. We wisselen nog even nummers uit met onze nieuwe vriend Kai voor een eventuele tempeltocht de volgende dag en lopen dan richting receptie. We worden gastvrij ontvangen door de eigenaresse en een jongen genaamd Francis die alles rondom het complex reilt en zeilt. We checken in en krijgen een koud flesje water in onze handen gedrukt om wat af te kunnen koelen. Daarna begeleidt Francis, die crocs als zijn favoriete schoeisel heeft uitgekozen, ons naar de geboekte kamer op de tweede verdieping. We stappen binnen in een rood paarse ruimte. Het had net zo goed een bordeel kunnen zijn, maar we hebben airco en best ok WIFI. Na een heerlijk avondje Thais uit eten voor omgerekend slechts zeven euro vijftig vallen we met onze jetlaghoofden als een blok in slaap.

Thailand staat vol met Boeddhistische tempels en ik heb mij laten vertellen dat je voor een van de mooiste in Ayutthaya moet zijn. Ayutthaya was ruim vierhonderd jaar een belangrijk koninkrijk in Thailand. In 1351 werd de stad opgebouwd door drieëndertig koningen en gezien als een van de belangrijkste handelssteden vanwege de omringende waterwegen. Veel buitenlandse handelaren, waaronder de Nederlandse VOC hadden een handelspost in Ayutthaya. In 1767 kwam er echter een einde aan dit koninkrijk vanwege de verwoesting van de stad door de Birmezen die Siam (de naam van Thailand vroeger) waren binnengevallen. Veel is verwoest in die tijd, maar gelukkig zijn er nog genoeg tempels, paleizen en Boeddhabeelden te bewonderen die de inval wel hebben doorstaan en zijn opgenomen op de UNESCO Werelderfgoedlijst.

We hebben wel zin in een geschiedenislesje en bellen onze vriend Kai de tuk tuk chauffeur. En ja hoor, binnen tien minuten staat hij netjes te wachten op dezelfde plek als waar hij ons de vorige dag heeft afgezet. In tegenstelling tot veel andere Thaise locals lijkt Kai wat meer moeite te hebben met de warmte. Niet geheel onterecht hoor. Ook in Ayutthaya is het zeker veertig graden, staat er geen zuchtje wind en is de lucht hemelsblauw. Wij vinden het ook godvergeten heet, maar lijken de warmte beter onder controle te hebben dan onze Thaise vriend. Met dichte schoenen, een veel te grote zwarte pantalon en een volledig nat bezweet blauw overhemd brengt Kai ons van tempel naar tempel. We hebben een vaste prijs afgesproken voor een tempeltocht van drie uur en Kai zou iedere keer netjes op ons wachten als wij een tempel bezoeken. We bezoeken o.a. Wat Yai Chai Mongkhon met zijn vele intact gebleven Boeddhabeelden in oranje gewaden, Wat Pra Si Sanphet wat een van de belangrijkste tempels in Ayutthaya was, Wat Na Phra Meru met een zes meter hoge zittende Boeddha bedekt met bladgoud, Wat Phra Mahathat met eeuwenoude ruïne tempels en het bekende Boeddhahoofd dat is vastgegroeid tussen de wortels van een bodhiboom en Wat Lokayasutharam met een liggende Boeddha van maar liefst zevenendertig meter lang en zo’n acht meter hoog!

Onderweg vinden we een eettentje waar ze heerlijke gekoelde flesjes drinken en kokosnoten verkopen. Niels trakteert zichzelf op een kokosnoot en ik hou het bij een ijskoud flesje water. Eenmaal terug bij ons toeristische vervoersmiddel krijgen we toch wat medelijden met onze Thaise vriend als we hem om de haverklap een zeiknatte doek over zijn bezwete hoofd zien halen. We besluiten hem een koel flesje water aan te bieden, maar hij wijst vriendelijk af. Na een beetje tempel moe te zijn geworden besluiten we om terug naar onze accommodatie te gaan. Bij aankomst betalen we Kai netjes zoals afgesproken en scheiden onze wegen weer. Hopelijk hebben we hem in ieder geval een goede werkdag opgeleverd. Inmiddels is het drie uur in de middag en heeft de temperatuur zijn hoogtepunt bereikt. Wonder boven wonder hebben we de tempeltocht zonder aangebrande huid doorstaan. Om dat zo te houden besluiten we na een korte cooling down break in de airco de rest van de dag bij het zwembad onder een parasol te gaan liggen.

Wat Yai Chai Mongkhon AyutthayaWhat Phra Si Sanphet Liggende boeddha Wat Lokayasutharam

Relaxen op paradijselijke eilanden
Na heel wat tempels te hebben gezien vliegen we met een klein propellervliegtuigje met tropische vissen erop geschilderd richting het eiland Koh Samui. Vanuit het vliegtuig zien we het tropische eiland met palmbomen, witte stranden en kraakhelder water al in het zicht. In tegenstelling tot Bangkok en Ayutthaya is het op Koh Samui aangenaam warm met een temperatuur schommelend tussen de 30 en 32 graden. Soms wat aan de warme kant, maar de zee biedt dan verkoeling. We checken in bij ons hostel gelegen in het vissersdorpje Bophut.

We vermaken ons lange tijd met strandbezoekjes, lekker eten, winkelen, cocktails drinken en het eiland verkennen op de scooter. Het is een toeristisch eiland, maar het eilandleven bevalt ons meer dan prima. Op de een of andere manier leven eilandbewoners veel meer aangepast op de temperatuur. Het gevolg is een leven dat veel relaxer is dan wij gewend zijn. Daar kan je je aan ergeren, maar je aanpassen is makkelijker en sowieso een veel betere optie. Ik kan er wel aan wennen in ieder geval.

Na Koh Samui te hebben ontdekt gaan we eilandhoppend verder. Via een korte stop op het eiland Koh Phangan, bekend om de full moon party’s, varen we zeker een uur midden op de oceaan. Het is jammer dat Thailand zo toeristisch is, want paradijselijk voelt het hier zeker aan. Niet veel later rijst er een paradijselijk eilandje op uit zee. Het is Koh Tao, het duik- en snorkelparadijs van Thailand.

Longtail boot Thailand

Ook op Koh Tao genieten we van het heerlijke relaxte eilandleven, maar ook van wat Koh Tao anders maakt dan andere eilanden in Thailand. Het duiken en snorkelen, en dus maken we een dagtrip naar het kleine broertje van Koh Tao, Koh Nang Yuang. Een vriendelijke local brengt ons met een typische Thaise longtailboot naar de twee mini eilandjes die met elkaar zijn verbonden met een strook wit zand. Het is er prachtig! We zonnen, lezen, zwemmen en duiken uiteraard het water in om te snorkelen. Het water is super helder en de visjes komen je al tegemoet zwemmen wanneer je het water instapt. Aan het einde van de middag, wanneer de temperatuur weer iets begint te dalen, maken we een toch nog redelijk pittige hike op één van de twee eilandjes. Het zweet staat op onze voorhoofden, maar het uitzicht is het meer dan waard. Vind je ook niet? 🙂

Koh Tao & Koh Nang Yuan

Wat is jouw favoriete plek in Thailand?

DelenShare on FacebookTweet about this on TwitterShare on Google+Pin on PinterestEmail this to someone
Shamira
Shamira
Met een drang naar vrijheid reis ik als digital nomad de wereld rond op zoek naar interessante bestemmingen en culturen. Mijn ervaringen leg ik vast in beeld en geschrift en vorm ik om tot een echt reisverhaal voorzien van de nodige tips. Op Kompas24.nl deel ik mijn verhalen.

2 Comments

  1. Co schreef:

    Oef, ik wil volgend jaar misschien ook naar Thailand (ben ook niet zo bekend met Azië) en moest toch wel even slikken na de eerste helft van je verslag, haha! Gelukkig zien die eilanden er fantastisch uit, flink genieten!

    • Shamira schreef:

      Zeker gaan hoor, Thailand is leuk! Ayutthaya en de eilanden vonden we leuk en ik heb ook goede verhalen gehoord over het noorden met bekende plekken zoals Chiang Mai en Pai. Bangkok is wel erg chaotisch, maar de één kan de stad wel waarderen en de ander vindt het helemaal niks, zoals ik, haha!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *